Zwelling van de balzak kan veroorzaakt worden door:
Hieronder vindt u meer uitleg hierover.
Hydrocèle of Waterzakbreuk
De testikels zijn omgeven door een vlies (tunica Vaginalis). Dit vlies maakt een dun laagje vocht aan waardoor de ballen los en bewegelijk in het scrotum zitten. Soms maakt dit vlies meer vocht aan dan het opneemt waardoor zich langzaam meer vocht ophoopt om de testikel.
Dit wordt een Hydrocèle of Waterzakbreuk genoemd.
Een Hydrocèle komt meestal eenzijdig voor, maar kan ook rond allebei de teelballen ontstaan.
Een Hydrocèle kan met een relatief kleine ingreep via de balzak worden verwijderd. Deze ingreep wordt op de operatiekamer uitgevoerd en kan in dagopname plaatsvinden.
De uroloog zal u pas adviseren de Hydrocèle weg te halen als hij echt klachten geeft, bijvoorbeeld als hij in de weg zit bij lopen, zitten of fietsen.
Spermatocèle of Epididymiscyste
In de Bijbal, of Epididymis, rijpen de jonge zaadcellen uit, en worden langzaam richting zaadleider getransporteerd. Het gekronkelde buisje waar de bijbal feitelijk uit bestaat is dunwandig. Soms ontstaat een kleine uitstulping van de wand. Deze kan langzaam (maanden tot jaren) uitgroeien tot een knikker van enkele millimeters tot meerdere centimeters. Dit type zwelling heet een Spermatocèle, Bijbalcyste of Epididymiscyste. Soms ontstaan meerder spermatocèles, soms aan twee kanten. Het is een goedaardige aandoening.
Een Spermatocèle komt meestal eenzijdig voor, maar kan ook rond allebei de teelballen ontstaan.
Een Spermatocèle kan met een relatief kleine ingreep via de balzak worden verwijderd. Deze ingreep wordt op de operatiekamer uitgevoerd en kan in dagopname plaatsvinden.
De uroloog zal u pas adviseren de Spermatocèle weg te halen als hij echt klachten geeft, bijvoorbeeld als hij in de weg zit bij lopen, zitten of fietsen.
Varicocèle
Een varicocèle is een spatader in de zaadstreng. De zaadstreng loopt links en rechts vanuit de teelbal omhoog door het lieskanaal naar de buikholte. In de zaadstreng zitten de bloedvaten van de teelballen met de zaadleider. Rechts mondt de ader van de testis laag in de buik uit in een groter bloedvat, links veel hoger. Daardoor heerst in de linker ader en de zijtakken een hogere druk. Deze druk wordt gereguleerd door een klepsysteem in deze ader. Dit klepsysteem functioneert niet altijd goed. Dan ontstaat stuwing en wordt het vat en de parallel lopende zijtakjes langzaam wijder en wijder. Uiteindelijk zo wijd dat het voelbaar en zichtbaar wordt aan de zijkant van de balzak. Dit kan gepaard gaan met jeuk-achtige sensaties onder de huid. Een varicocèle ontstaat vaak tussen het 12e en 35e jaar, veelal dus in de vruchtbare periode.
Een varicocèle kan geen kwaad. Een varicocèle leidt niet tot onvruchtbaarheid.
De artsen zullen terughoudend zijn in een eventuele operatieve behandeling. Daarbij worden in de lies alle aderen van de zaadstreng minutieus opgezocht en afgebonden. Hierbij loopt zowel de zaadleider als de (zeer dunne) slagader naar de teelbal gevaar. De varicocèle komt na enige tijd vaak weer terug.
Het is ook mogelijk om via radiologische technieken de spatader zichtbaar te maken met contrastvloeistof. Vervolgens wordt dan een afsluitend veertje in de spatader geschoten, zodat de spatader afsterft (embolisatie). De succeskans van deze ingreep is ongeveer 80%.
Epididymitis of Bijbal-ontsteking
De Bijbal, of Epididymis, is een orgaan dat zich als een worm naast de teelbal bevindt. Feitelijk is de bijbal de sterk gekronkelde en dun opgevouwen verzamelbuis van sperma-cellen die in de teelbal werden geproduceerd. Het sperma rijpt verder uit in de bijbal. Naar boven toe wordt dit buisje steeds iets breder en mondt uit in de zaadleider (vas deferens). Hierin wordt het zaad via het lieskanaal en de buik naar de plasbuis geleid, waar het na een orgasme de wijde wereld kan verkennen.
In de bijbal kunnen virussen en bacteriën neerstrijken. Meestal bereiken die de bijbal via de bloedbaan, maar omdat er via de plasbuis een verbinding met de buitenwereld bestaat is het mogelijk dat bacteriën de bijbal via de zaadleider infecteren. De aanwezigheid van bacteriën leidt lang niet altijd tot een werkelijke ontsteking; het immuunsysteem houdt de bacterie-aanvallen in toom. Een enkel keertje kan een ontsteking van de bijbal wel doorzetten. Er ontstaat langzaam (uren tot dagen) pijn in de balzak, er kan koorts ontstaan, met roodheid en zwelling.
Vaak gaat een bijbal-ontsteking in dagen vanzelf over, maar als deze doorzet kan antibiotica nodig zijn.
Teelbalkanker
Teelbalkanker (Zaadbalkanker / Testiscarcinoom / Seminoom / Non-seminoom) is zeldzaam en komt het meest voor in de leeftijdscategorie tussen 20 en 40 jaar. Teelbalkanker begint over het algemeen als een klein hard knobbeltje aan één van de testikels dat langzaam(dagen tot weken) groter wordt, geen pijn doet en niet vanzelf kleiner wordt of weggaat. Als dát het geval is, of als u twijfelt, moet snel een arts worden geraadpleegd. Er zal echografisch onderzoek van het scrotum worden gedaan.
Teelbalkanker is een agressieve ziekte, maar is gelukkig zeer goed te behandelen en kent een zeer hoog genezingspercentage met zeer goede overleving.
De behandeling bestaat meestal uit het wegnemen van de aangedane bal. Met bloedtesten en CT van buik en longen wordt gezocht naar eventuele uitbreiding (metastasering) van de ziekte in lymfeklieren of andere organen. Meestal blijkt met het wegnemen van de testikel al genezing te zijn bereikt, soms zijn enkele chemokuren of bestraling nodig. De poliklinische follow up is vrij intensief en minstens tien jaar. Gelukkig wordt de vruchtbaarheid gewaarborgd door de tweede testikel. Als hier twijfel over zou bestaan (bv. bij het geven van chemotherapie) kan zaad worden ingevroren voor later.